vrijdag 29 maart 2013

daggedicht vrijdag 29 maart


Voor deze vrijdag 29 maart heb ik een gedicht gekozen van de dichter Jean Pierre Rawie, inmiddels 62 jaar oud. Zelf heeft de dichter aangegeven dat "het onverbiddelijk voorbijgaan van de tijd " het kernthema van zijn werk is. Het gedicht is een klassiek sonnet met twee rijmklanken voor het octaaf en twee voor het sextet. Rawie heeft een voorkeur voor vormvaste, rijmende poëzie. Hij wordt vaak vergeleken met J.C.Bloem.


VOORGOED

Dit is de herfst, dit zijn de mooiste maanden,
maar ze ontgaan ons zoals ieder jaar,
want wij zijn blinden in een wereld waar
het blijvende niet geldt, alleen het gaande.

Wij tastten in het duister naast elkaar,
een oogwenk dat wij ons onsterflijk waanden,
en zijn niet dan elkanders nabestaanden;
het bed is ons niet nader dan de baar.

Geen troost valt aan het najaar te ontlenen,
de bladeren verworden in de goot
en de gelieven zijn voorgoed verdwenen.

Wie weet is ons vergund pas metterdood.
door vreemde hemellichamen beschenen,
iets vast te houden wat ons niet verstoot.

JEAN PIERRE RAWIE

UIT:    GELEENDE TIJD, 

BERT BAKKER, AMSTERDAM, 1999

 

 

Geen opmerkingen: